Je uurtarief als zzp’er berekenen
Een goed uurtarief dekt veel meer dan je gewerkte uren. In deze gids reken je stap voor stap naar een tarief waar je echt van kunt leven, inclusief de posten die de meeste mensen vergeten.
± 11 min lezen
Kort antwoord
Je uurtarief bereken je niet door je gewenste maandinkomen door je werkuren te delen, want lang niet al je uren zijn declarabel en je betaalt zelf je belasting, pensioen en verzekeringen. De methode: neem je gewenste bruto jaarinkomen, tel je zakelijke kosten en buffers op, en deel dat door je declarabele uren. Dat zijn er realistisch 1.100 tot 1.400 per jaar, niet 2.080.
Waarom delen door je werkuren altijd te laag uitkomt
De meest gemaakte fout is het gewenste maandinkomen delen door het aantal werkuren in een maand. Wie € 4.000 per maand wil en 160 uur werkt, komt dan uit op € 25 per uur en denkt klaar te zijn. Dat tarief dekt in werkelijkheid niet eens de helft.
Er zitten twee gaten in die som. Het eerste is dat je lang niet al je uren kunt factureren. Acquisitie, offertes schrijven, administratie, je boekhouding, scholing, reistijd, een klant die afzegt: dat is allemaal werk en niets ervan staat op een factuur.
Het tweede gat is dat een zzp-tarief bruto-bruto is. Uit dat bedrag betaal je niet alleen je inkomen, maar ook alles wat een werkgever normaal voor een werknemer betaalt: pensioen, verzekeringen, doorbetaling bij ziekte, vakantiegeld, scholing, apparatuur. Vergelijk je een uurtarief rechtstreeks met een bruto uurloon in loondienst, dan vergelijk je twee heel verschillende dingen.
De juiste volgorde is daarom omgekeerd: begin bij wat je nodig hebt, tel op wat je moet dekken, en deel dat pas aan het eind door de uren die je werkelijk kunt factureren.
- Niet al je uren zijn declarabel, meestal grofweg de helft tot tweederde
- Uit je tarief betaal je zelf pensioen, verzekeringen, ziekte en vrije dagen
- Een zzp-uurtarief is niet vergelijkbaar met een bruto uurloon
- Reken van achteren naar voren: van wat je nodig hebt naar je tarief
Welke kosten er echt in horen
Hieronder de posten die in een tarief thuishoren. De eerste groep zijn gewone zakelijke kosten die je waarschijnlijk al kent. De tweede groep vergeten mensen structureel, en daar worden tarieven te laag door.
Zakelijke kosten: je software en abonnementen, je apparatuur en de afschrijving daarvan, je werkruimte, telefoon en internet, zakelijke verzekeringen zoals aansprakelijkheid en rechtsbijstand, je boekhouder, bankkosten, en de kilometers die je niet apart doorberekent.
De vergeten groep: een arbeidsongeschiktheidsverzekering of een alternatief daarvoor, pensioenopbouw, vakantiedagen, feestdagen, ziektedagen, scholing en vakliteratuur, tijd voor acquisitie en administratie, en een buffer voor leegloop en wanbetalers.
Die tweede groep is geen luxe. Een werknemer krijgt vakantiedagen doorbetaald, bouwt pensioen op en wordt bij ziekte doorbetaald. Als zzp’er koop je dat allemaal uit je eigen tarief, of je koopt het niet en draagt het risico zelf. Beide zijn een keuze, maar het is een keuze die je bewust hoort te maken en niet per ongeluk.
- Software, apparatuur, werkruimte, telefoon, verzekeringen, boekhouder
- Arbeidsongeschiktheid en pensioen: geen extraatje maar een kostenpost
- Vakantie, feestdagen en ziekte betaal je uit je eigen tarief
- Scholing, acquisitie en administratie kosten tijd die niemand factureert
- Een buffer voor leegloop en voor klanten die niet betalen
Van 2.080 uur naar wat je echt kunt factureren
Een volledige werkweek van 40 uur maal 52 weken is 2.080 uur. Dat getal haal je nooit, en de weg ernaartoe is leerzaam om een keer uit te rekenen.
Trek eerst je vrije tijd eraf. Vijf weken vakantie is 200 uur, en de Nederlandse feestdagen die op een werkdag vallen kosten je nog eens ongeveer 56 uur. Reken daarnaast op een aantal ziektedagen; iedereen is weleens ziek en wie daar nul uur voor rekent, rekent zichzelf rijk. Neem bijvoorbeeld een week, dus 40 uur.
Je zit dan rond de 1.780 beschikbare uren. Daar gaat vervolgens je niet-declarabele werk vanaf: acquisitie, offertes, administratie, boekhouding, scholing, en de reistijd die je niet in rekening brengt. Voor de meeste zzp’ers is dat tussen de 20 en 35 procent van hun beschikbare tijd.
Neem je 25 procent, dan houd je ongeveer 1.335 declarabele uren over. Bij 35 procent is het er 1.157. Dat is de realistische bandbreedte voor iemand die fulltime werkt: grofweg 1.100 tot 1.400 uur. Begin je net, of doe je veel acquisitie, dan zit je aan de onderkant of daaronder.
Dit getal doet in je berekening meer dan elk ander getal. Van 1.400 naar 1.100 uur betekent dat je tarief met ruim een kwart omhoog moet voor hetzelfde inkomen.
- 2.080 uur is de theoretische maximale werkweek, niet je werkelijkheid
- Vakantie, feestdagen en ziekte kosten al snel 300 uur
- Niet-declarabel werk kost daarnaast 20 tot 35 procent van wat overblijft
- Realistisch: 1.100 tot 1.400 declarabele uren per jaar
De rekenmethode in vijf stappen
Met die twee stukken kennis wordt de som eenvoudig. Reken van achteren naar voren:
De uitkomst is je ondergrens: het tarief waaronder je er niet uit komt. Wat je daadwerkelijk vraagt, ligt daarboven en hangt af van je vak, je ervaring en je markt.
- Bepaal het bruto jaarinkomen dat je wilt overhouden vóór belasting
- Tel je zakelijke kosten erbij op
- Tel je buffers op: pensioen, arbeidsongeschiktheid, ziekte en leegloop
- Schat je declarabele uren realistisch, met de vorige sectie in de hand
- Deel het totaalbedrag door die uren
Een uitgewerkt voorbeeld
Stel je wilt € 50.000 bruto per jaar overhouden om van te leven en belasting van te betalen. Je zakelijke kosten zijn € 8.000: software, telefoon, verzekeringen, boekhouder, apparatuur en een deel van je werkruimte. Voor pensioen, een arbeidsongeschiktheidsvoorziening en een ziektebuffer reserveer je € 9.000.
Bij elkaar moet je tarief dus € 67.000 opleveren. Reken je met 1.300 declarabele uren, dan is je ondergrens ongeveer € 52 per uur exclusief btw. Reken je met 1.100 uur, dan wordt dat ruim € 61.
Dat verschil van bijna tien euro per uur komt volledig uit één aanname over je declarabele uren. Vandaar dat het loont om dat getal eerlijk in te schatten in plaats van optimistisch. Houd je in de praktijk meer uren over, dan is dat winst; ga je van een te hoog getal uit, dan werk je het hele jaar te goedkoop.
Let op wat er níet in dit voorbeeld zit: de belasting is meegenomen in het bedrag dat je wilt overhouden, niet als aparte post. Wil je weten wat er van dat bedrag netto overblijft, reken dan je belastbare winst apart uit; de ondernemersaftrek en de mkb-winstvrijstelling maken daar een aanzienlijk verschil.
Van een maandsalaris naar een uurtarief
Overweeg je de stap vanuit loondienst, dan is de eerste vraag meestal: wat moet ik vragen om er niet op achteruit te gaan? De verleiding is om je bruto maandsalaris door je maanduren te delen. Dat komt structureel veel te laag uit, want een bruto salaris is maar een deel van wat je werkgever aan je uitgeeft.
Reken in plaats daarvan zo. Neem je bruto jaarsalaris, inclusief vakantiegeld en een eventuele dertiende maand. Tel daar het werkgeversdeel van je pensioenpremie bij op, plus de waarde van wat je in loondienst kreeg en straks zelf moet regelen: doorbetaling bij ziekte, arbeidsongeschiktheidsdekking, scholingsbudget, apparatuur, een telefoon.
Dat totaal is wat je in loondienst werkelijk kostte. Tel daar je eigen zakelijke kosten bij op, en deel het door je declarabele uren. Vrijwel altijd kom je dan uit op ongeveer het dubbele van wat je zou krijgen als je alleen je brutosalaris zou delen.
Voorbeeld: € 4.500 bruto per maand is met vakantiegeld ongeveer € 58.300 per jaar. Met werkgeverslasten en het werkgeversdeel pensioen erbij zit je al snel rond de € 72.000. Plus € 8.000 eigen kosten is € 80.000. Bij 1.300 declarabele uren komt dat neer op ruim € 61 per uur, tegenover de € 28 die je zou krijgen als je simpelweg € 4.500 door 160 uur deelt.
Er staat tegenover dat je als zzp’er recht kunt hebben op ondernemersaftrek en de mkb-winstvrijstelling, waardoor je fiscaal gunstiger uitkomt. Die voordelen wegen echter niet op tegen het wegvallen van je zekerheden als je tarief te laag is.
- Deel nooit je brutosalaris door je maanduren
- Reken met je jaarsalaris inclusief vakantiegeld en dertiende maand
- Tel het werkgeversdeel pensioen en de werkgeverslasten erbij
- Tel op wat je zelf gaat betalen: ziekte, arbeidsongeschiktheid, scholing, apparatuur
- Deel pas daarna door je declarabele uren
De ondergrens die de wet trekt
Er is naast je eigen rekensom nog een ondergrens die je moet kennen. Bij zeer lage tarieven bestaat het risico dat je opdracht niet meer als zelfstandig werk wordt gezien maar als verkapt dienstverband. In het wetstraject rond arbeidsrelaties wordt gewerkt met een rechtsvermoeden bij tarieven onder ongeveer € 38 per uur: onder dat bedrag wordt eerder aangenomen dat er sprake is van een arbeidsovereenkomst.
Dat is geen verbod om minder te vragen, en het is ook geen minimumtarief. Het betekent dat een laag tarief een extra risico met zich meebrengt bovenop het financiële risico dat je toch al loopt.
Praktisch: als je berekende ondergrens ver onder de veertig euro uitkomt, is dat een signaal om je som na te lopen. Waarschijnlijk heb je te veel declarabele uren aangenomen of te weinig kosten meegeteld.
Vergelijken met de markt, en omrekenen naar een dagtarief
Je rekensom geeft je ondergrens, niet je prijs. Wat je kunt vragen hangt daarnaast af van je vak, je ervaring, je specialisatie en hoeveel vraag er is naar wat jij doet. Ligt je berekende tarief ver onder wat in jouw vak gangbaar is, dan laat je geld liggen. Ligt het er ver boven, kijk dan kritisch naar je urenschatting.
Wees voorzichtig met gemiddelden die je online tegenkomt. Een branchegemiddelde zegt weinig als je niet weet of het over een junior of een lead gaat, of het inclusief of exclusief btw is, en hoe de meting tot stand kwam. Gebruik ze als richting, niet als norm.
Werk je per dag, dan is een dagtarief meestal je uurtarief maal het aantal declarabele uren op zo’n dag, vaak acht. Sommigen geven een lichte korting voor een hele dag omdat het zekerheid en aaneengesloten tijd oplevert. Doe dat bewust en niet automatisch: een dag die vol zit, is ook een dag waarop je niets anders kunt aannemen.
- Je berekende tarief is een ondergrens, geen prijs
- Branchegemiddelden zeggen weinig zonder rol en ervaringsniveau erbij
- Dagtarief is meestal uurtarief maal acht declarabele uren
- Geef alleen bewust dagkorting, niet uit gewoonte
Hoe Factabel helpt
In Factabel ga je van uren naar factuur: je registreert je gewerkte uren en zet ze tegen je tarief om in een factuur. Daardoor zie je per klant en per maand wat je declarabele uren werkelijk opleveren, en of je aanname over die uren klopte.
Dat laatste is het punt waar deze hele berekening op staat of valt. Wie na een half jaar terugkijkt en ziet dat hij 450 uur factureerde in plaats van de verwachte 650, weet meteen dat zijn tarief omhoog moet in plaats van dat hij het aan het eind van het jaar merkt.
Veelgestelde vragen
Realistisch tussen de 1.100 en 1.400 uur bij een fulltime werkweek. Van de theoretische 2.080 uur gaat eerst zo’n 300 uur af aan vakantie, feestdagen en ziekte, en daarna nog 20 tot 35 procent aan acquisitie, administratie en scholing.
Niet door te delen. Neem je bruto jaarsalaris inclusief vakantiegeld, tel het werkgeversdeel pensioen en de werkgeverslasten erbij op, plus wat je voortaan zelf betaalt aan ziekte, arbeidsongeschiktheid, scholing en apparatuur. Tel je eigen zakelijke kosten erbij en deel dat totaal door je declarabele uren. In de praktijk kom je op ongeveer het dubbele uit van het bedrag dat je krijgt als je alleen je brutosalaris deelt.
Je noemt je uurtarief exclusief btw. Aan zakelijke klanten communiceer je het tarief exclusief; de btw komt er bij het factureren bovenop. Werk je voor particulieren, noem dan het bedrag inclusief btw, want dat is wat zij betalen.
Dat verschilt zo sterk per vak, rol en ervaringsniveau dat één getal weinig zegt. Een landelijk gemiddelde zegt niets over jouw situatie. Gebruik je eigen berekening als ondergrens en kijk daarnaast wat in jouw vak en op jouw niveau gangbaar is.
Nee. Wel geldt er in het wetstraject rond arbeidsrelaties een rechtsvermoeden bij tarieven onder ongeveer € 38 per uur: daaronder wordt eerder aangenomen dat er sprake is van een arbeidsovereenkomst in plaats van zelfstandig werk.
Vermenigvuldig je uurtarief met het aantal declarabele uren op een dag, meestal acht. Een lichte korting voor een hele dag kan, maar bedenk dat een volle dag ook betekent dat je die dag niets anders kunt aannemen.
Ja, en meestal ook als ze gelijk blijven. Je tarief is gebaseerd op aannames over kosten, uren en inkomen; verandert er één, dan verandert je ondergrens mee. Een jaarlijkse herberekening voorkomt dat je er ongemerkt op achteruitgaat.
Bronnen
Bronnen voor het laatst nagelopen op 20 augustus 2026. Wetgeving verandert; controleer bij twijfel de bron.